Leerlingen zijn een groot deel van de week op een leerplein. Op het plein werken vakdocenten en mentoren samen aan de begeleiding van leerlingen. In de onderbouw heeft elke klas minimaal één mentor die een rol speelt bij de cognitieve, sociale en emotionele begeleiding van leerlingen.
Leerlingen worden besproken tijdens het teamoverleg. Een leerling die meer zorg nodig heeft dan de mentor kan bieden wordt besproken met de coördinator leerlingenzaken. Deze kan een leerling na overleg met de ouders, ter bespreking inbrengen bij het Zorg Advies Team (ZAT). Daar wordt eventueel een advies voor interne of externe hulp gegeven.